Een
weinig alledaagse stelling door Hans
Meijer
Omdat ik op
schakers.info nog geen partijen van de KNSB competitie aantrof ging ik maar
eens een kijkje nemen op de websites van de clubs. Meestal bekijk ik de
partijen van spelers die ik persoonlijk ken en die van spelers die mij op de
een of andere manier aanspreken. Bij LSG zijn dat mijn oud KPN teamgenoot Mark
van der Werf en mijn voormalige WSC tegenstander Jan-Willem de Jong die dit
schaakjaar bij LSG het eerste bord voor zijn rekening neemt. Beiden wonnen hun
partij en leverden zo een belangrijke bijdrage aan het gelijkspel van LSG tegen
Utrecht.
Uiteraard trok daarna
clubblad LSG Nieuws
van het Leidsch Schaakgenootschap mijn aandacht. Daar zag ik een weinig
alledaagse middenspelstelling met niet minder dan drie zwarte paarden op het
bord staan. Tot mijn verbazing bleek de stelling in kwestie afkomstig te zijn
uit een partij van Albert Termeulen tegen Ben Ahlers. Hoe hadden zij die drie
paarden op het bord gekregen?
Eerst echter iets over
de schaakstijl van Albert Termeulen. In LSG Nieuws
las ik over hem het volgende: “Op bord 7 speelde onze eigen Albert Termeulen
alias Tal. Geheel tegen zijn gewoonte in eindigde zijn pot zonder eigenlijk
een spoortje van geweld in remise. Dat kan niet van zijn andere partijen dit
seizoen gezegd worden. Een stukje hier en een stukje daar, het maakt Albert
allemaal niks uit. En eigenlijk zijn we allemaal stiekem jaloers. Wie heeft
zich zelf nooit eens vervloekt omdat hij te schijterig was om iets te offeren.
Met zijn 5.5 uit 9 en een TPR van 2194 is ook helemaal niks mis. Blijf vooral
zo doorgaan! Overigens kan hij wel nog een rekening van me verwachten vanwege
de dubbele dosering pillen om mijn bloeddruk te op peil te houden.”
Die karakterisering
kwam me bekend voor. In Leiden heeft Termeulen me in 2001 namelijk een punt
ontfutseld door, op een moment dat ik nog weinig tijd op mijn klok had, in
onderstaande stelling volkomen onverwacht geheel in de stijl van Tal een stuk
te offeren.

Albert Termeulen – J.W. Meijer (LSG 3
– Promotie), Leiden, 07-04-01
33.Pxb5!? Het uitroepteken voor het effect en het vraagteken voor de correctheid. 33....Dxb5 34.Ta7!? Idem. 34...Tf7?. Na 34.Db8!+, een weinig alledaagse schaakgevende terugzet met de dame, is het over en uit en ook na 34...De5+ 36.Kg1 Pxh3+ 37.Dxh3 Dd4+ 38.De3 Dxe3+ 39.Txe3 Txc2 staat zwart gewonnen. 35.Txf7 Kxf7 36.Dxh7+ Ke8 37.Dxg6+ Kd7 38.Ta1 De5+ 39.Kg1 en na deze zet viel mijn vlag. De stelling is remise.
Hop Paardje
Hop was de titel die boven onderstaand artikel in LSG Nieuws stond.
Tijdens Corus 2005 mocht ik (Termeulen) dit jaar in
groep 1 aantreden, een behoorlijk pittige groep. Na drie ronden stond ik dan
ook op nul uit drie. In de vierde ronde mocht ik met wit tegen Ben Ahlers,
speler van Promotie, en ik had ruimschoots de tijd om me voor te bereiden.
Bovendien kwam ik er achter dat Ben de Winawer speelde en daar had ik net het
boekje The complete French van Lev Psakhis over gekocht.
Albert Termeulen– Ben Ahlers, Corus, Wijk aan Zee,
2005.
1.
e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Lb4 4. e5 c5 5. a3 Lxc3+ 6. bxc3 Pe7 7. Dg4 Dc7 8. Dxg7
Tg8 9. Dxh7 Pbc6 10. f4 cxd4 11. Pe2 Ld7 12. Dd3 dxc3. Deze stelling is al
ontzettend vaak voorgekomen in de grootmeester-praktijk, Je kunt nu kiezen
tussen 13 Pxc3 en 13 Dxc3 maar Psakhis beveelt in zijn boekje 13 Dxc3 aan dus
wie ben ik dan om daaraan te twijfelen?
13. Dxc3 Pf5 14. Tb1 0–0–0 15. Tg1 d4 16. Dd3 f6 17.
g4. Ook dit
stond allemaal vlotjes op het bord, het is ook nog allemaal bekend. Aan de
andere borden was men ongeveer op zet vijf aangekomen en bij ons was het alweer
een heksenketel.17…Ph4 18. exf6 e5 19. f5 e4 20. Dxe4 Tge8 21.Df4 Pe5 22.Tg3
Dxc2 23.Tb2.

De stampartij uit mijn boekje was een partij
Goloschapov-Ahlers (!) Hoogeveen 2002 en die ging hier verder met 23 ..Pd3 24
Txd3 Dxd3 25 f7 en wit staat duidelijk beter aldus Psakhis. Ik was benieuwd
wanneer Ahlers met een verbetering op de proppen ging komen, dat bleek nu te
zijn. 23... Dc5 Nieuwtje! Tja en daar zat ik dan, in een krankzinnige
stelling waar ik het nu opeens zelf moest bedenken. De stelling is voor wit
veel moeilijker dan voor zwart. Zwart gaat gewoon Lc6 en d3 spelen, wit moet
een manier vinden om zijn stukken samen te laten werken en (vooral) zijn koning
uit de gevarenzone te halen. 24.Kf2 Lc6 Zwart voert rustig de druk op. 25.
Pg1 Goeie zet, al zeg ik het zelf. Ik dreig nu met 26 Ld3 mijn stelling te
consolideren dus moet zwart wel tot actie overgaan.25…d3+ Hier ergens
begon mijn tegenstander een beetje lacherig te doen, en vreemd om zich heen te
kijken. Ik snapte nog niet echt waarom. 26. Le3 d2 27. Lxc5 Toen ik
besloot tot 25 Pg1 dacht ik dat ik hier als noodoplossing ook nog 27 Le2 bij de
hand had, maar dat kan helemaal niet vanwege bijvoorbeeld 27...Pd3 28. Ld3 Te3.
Dus sloeg ik de dame maar 27…d1P+ En nu pas had ik door dat mijn
tegenstander naar een extra zwart paard had zitten zoeken! Ik had de
minorpromotie wel half gezien, maar om een of andere reden niet serieus
genomen. Nu die paarden er allemaal stonden, keek ik er opeens heel anders
tegenaan. Het had me niets verbaasd als er een of ander mat in zou hebben
gezeten. 28. Ke2 Natuurlijk niet 28Ke1?? Pef3 mat. En hier ging mijn
tegenstander er eens goed voor zitten. Hier zou toch een mat in moeten zitten
zou je denken. 28…Pef3+ Zwart had ook de dame terug kunnen winnen maar
dat is OK voor wit: 28..Ped3 29Kxd1 Pxf4 30 Kc2 La4 31 Kb1 Te1 32Ka2 Tdd1 33Tf2
en wit gaat niet mat en dus beslissen de witte pionnen de strijd. 29. Le7 Deze
zet had mijn tegenstander in zijn vooruitberekening gemist. Hij had gehoopt op
29 Le3?? Lb5! 30 Txb5 Td2 mat! Le7 houdt de witte stelling overeind, omdat de
zwarte torens nu niet meer zo gevaarlijk zijn. Nu gebruikte zwart bijna al zijn
tijd om uiteindelijk te besluiten tot: 29 ...Pc3+ 30. Kf2.

30 ...Pd1+ 31. Ke2 [Na 32.Kf1 blijft het een heksenketel.] 31... Pc3+ 32. Kf2 ˝–˝
Een mooi einde. Ik [Albert Termeulen] verwacht deze
partij ooit nog eens in een boek aan te treffen, misschien omdat-ie van belang
is voor de openingstheorie, maar toch ook omdat het zo een krankzinnige
slotstelling was.
Voor wie nog meer over de avonturen van Ben Ahlers met de Winawer wil lezen verwijs ik naar De Promoot van april 2007 voor zijn partij tegen Silvain Leburgue met gast commentaar van IGM Maxime Vachier-Lagrave. Onlangs won de nu 18 jarige Maxime, huidige rating 2718 waarmee hij de nummer 23 van de wereld is, Biel 2009 voor o.a. Alexander Morozevich en Vasily Ivanchuk. Maar Ben speelt dan ook partijen die zelfs voor een IGM interessant zijn.