Vuurwerk
Theo Mooijman - 20 January 2013
Op de oudejaarsavond bevonden wij ons in Winchester, ooit hoofdstad van het Koninkrijk Wessex, thans heeft het die status nog van het graafschap Hampshire. Winchester werd in één klap bij het grote publiek bekend door het gezellige melodietje “Winchester cathedral” dat in Engeland de Top 10 haalde. Het origineel, van de New Vaudeville band, werd ook goed verkocht in ons land. Geoff Stevens had sessie-musici bij elkaar gezocht om zijn compositie uit te voeren. Dat gebeurde wel vaker in de platenwereld, waarvan the Piltdownmen van Lincoln Mayorga het meest sprekende voorbeeld was. Winchester Cathedral hebben we kunnen afstrepen van het lijstje 'nog te bezoeken Engelse kathedralen', waarbij 'bezoeken' in kapitalen mag worden geschreven want wij hebben ons persoonlijk record gebroken door elf kerkdiensten bij te wonen in zeven dagen. Het heerlijke van de oudjaar-periode in Zuid Engeland is tweeledig: het is er niet zo koud en er wordt niet geknald. Geen idioterie van de hele dag rotjes gooien en op middernacht tientallen miljoenen de lucht in knallen en en passant nog enkele honderden mensen verwonden. In de pub loopt het personeel de hele dag met feesthoedjes op als opmaat voor het feestje rond middernacht. Vrij veel drank nuttigen en Auld lang syne zingen, dat is het wel zo'n beetje. Niet goedkoop zo'n avond, maar de vergelijking met vuurwerk afsteken kan het doorstaan. Voor de rijke historie van Winchester moet men in de musea zijn en op het nabij gelegen Danebury hill. Dat laatste was ooit in het ijzeren tijdperk een nederzetting op een heuvel met twee verdedigingslinies, die nog herkenbaar aanwezig zijn. Julius Caesar schreef over de Britten dat zij erg van vechten hielden en dat elke stam minstens éénmaal per jaar in een stammen oorlog verzeild raakte. What's new? Uit de tijd der Druïden las ik dat er toen drie standen waren: de geestelijken (waaronder de Druïden), de nobelen en de overigen. De nobelen bezaten alles en de overigen moesten werken en belastingen afdragen. Fijntjes werd er nog bijgezegd dat naar de mening van de overigen niet gevraagd werd. Hoe is het tegenwoordig: de (super)rijken bezitten alles, de rest mag werken of daar klaar voor staan en af en toe mag men een beperkt bevoegde regering kiezen. Teruggebracht tot deze proporties kan de samenleving toch niet als radicaal veranderd bestempeld worden. In een van de musea hing aan een hoge wand een enorme ronde tafel: de round table van King Arthur. En in de museumwinkel trof ik een bordspel dat gespeeld moet worden op een rond bord met vakjes. Op de buitenkant van de doos kon ik iets opmaken over de spelregels. De koppeling King Arthur en schaken kwam op dat moment tot stand. De nieuwjaarsbijeenkomst van onze schaakclub zou dit jaar opgeluisterd worden met fantasie-schaak en als enthousiast organisator van dat soort vermaak vind ik het leuk om nieuwe varianten te bedenken. Nog de zelfde dag had ik drie varianten bedacht, waarvan ik er twee zou loslaten op de leden. De ene kreeg de naam 'de heilige graal' en de andere 'de monarchie'. Beide varianten bleken goed speelbaar en voor onverwachte wendingen te zorgen. Dat was wel een opluchting omdat ik geen gelegenheid had gehad de varianten met een ander te oefenen. Met de komst van deze nieuwe varianten heb ik er ook twee moeten schrappen, maar het vuurwerk van de 'bermbommen' variatie moest natuurlijk blijven. |