Lente door Theo Mooijman
Theo Mooijman - 22 April 2018
Op maandagen gaat de wekker om kwart voor zeven. Ik geef 's ochtends schaakles op een basisschool, vandaar. Ik wil me niet haasten en als ik van huis ga heb ik de krant al doorgenomen. Het is een experiment. Verplicht schaakles voor de hele klas. Een stelletje enthousiastelingen schaakles geven, dat lukt. Maar een hele klas? En dan ook nog eens een gewone klas. Gewone klas, geen gemiddelde klas. Want de hoogbegaafde leerlingen zitten allang in de stad Groningen op school en de ouders die een hoog verwachtingspatroon van hun kinderen hebben, doen die massaal op de scholen van het bijzonder onderwijs. Vooral de R.K. school barst zo beetje uit haar voegen. Saillant detail is dat ondanks het grote aantallen leerlingen door de R.K. school jaarlijks slechts enkele communicanten worden afgeleverd. Doch dit geheel terzijde. In een gewone klas hoeft niet gerekend te worden op een ruime mate van ontluikende belangstelling voor de schaaksport. Sommige leerlingen hebben er thuis al eens kennis mee gemaakt. Dat zijn degene die 'bij de les' blijven. De grote meerderheid zit er omdat het nu eenmaal moet en let een beetje op omdat het nu eenmaal moet. Er is niet veel verbeeldingskracht nodig om je een voorstelling te maken van zo'n les. Je mag al blij zijn als er minder dan 50% van de tijd in het orde handhaven gaat zitten. De leraar had mij al gewaarschuwd: jij wil graag op maandagmorgen komen, maar bedenk dat zeker de helft van de kinderen uit gebroken gezinnen komt en dat die het gehele weekeinde verwend zijn omdat de ouders niet voor elkaar onder willen doen in het claimen van hun kinderen. Voorts hebben we nog een stuk of zes kinderen met een spectrum zoals ADHD. Elke maandag moeten al deze kinderen weer in het gareel gebracht worden. Daar trekt de leraar dan een kwartier voor uit en daarna start ik met de helft van de klas en neemt hij de andere helft mee voor rekenles. Na een uur wisselen wij. De eerste groep, met een meisjes meerderheid, is vrij rustig. Snel afgeleid, dat zijn ze wel. Vrijwel alles kan tot een opmerking leiden, daar komt dan weer commentaar op en binnen enkele seconden praat iedereen door elkaar heen. Weg concentratie, ingrijpen, de boel weer rustig krijgen en dan terug naar de lesstof. In de tweede groep, met vier ADHD'ers en een gelijk aantal jongens en meisjes is het in feite orde handhaven en tussen door wat kennis overdragen. Hier zitten ook enkele kinderen tussen die het leuk vinden om de anderen op te stoken. Of te verklikken. Het kost mij veel energie en het echt leren schaken zal wel niet lukken, maar interessant vind ik het zeker. Stuk voor stuk zijn die kinderen, in een 1 op 1 situatie heel leuk en merk ik hoe ze snakken naar aandacht en vooral ook hoe onzeker ze zijn. Onlangs ging het een keer niet volgens de vaste patronen. In groep 2 was het zeer rustig. Er ontbraken twee onrustige kinderen, nummer drie gaf ik die keer computerdienst (voor mij de stellingen op het bord plaatsen) en ik ben zelf naast nummer vier gaan zitten. Het was nog nooit zo rustig geweest. Ik kon zelfs de beoogde lesstof behandelen, iets wat eerder nog niet gelukt is. Daarentegen kon ik in groep 1 totaal geen vat krijgen op een zestal meisjes. Het bleef onrustig, ze gehoorzaamden niet, trokken steeds elkaars aandacht, lachten om het minste en geringste. Hebben jullie met elkaar een weddenschap gesloten? vroeg ik hen. Kijken wie het eerst straf krijgt. Nee, dat is het niet, zeiden ze. Maar we hebben in het weekeinde wel met elkaar contact gehad op sociale media. En zij (er wijst een vinger), heeft een vriendje. Ik vertel dit verhaal thuis aan mijn echtgenote en zei er bij dat ik niet snapte waarom het groepje opeens zo onhandelbaar was. Begrijp je dat niet, zegt ze, mij aankijkend zoals alleen een levenswijze vrouw dat kan. Het is lente! |