Kaisa
Ruurd Kunnen - 22 September 2007
"Kaisa" door Ruurd Kunnen 'Hoe heet je?' 'Kaisa.' 'Ka-isa?' Ze knikt. 'Ik ben J?rgen,' zegt hij. 'J?rgen Hofmeester.' J?rgen Hofmeester bevindt zich in Namibi? op een even hopeloze als zinloze zoektocht. Daar loopt hij een klein meisje tegen het lijf dat hem aanklampt met de woorden: 'Do you want company, sir?' Dagenlang brengen ze samen door, reizend door het land en overnachtend in hotelkamers, in pensions en in een hut bij een boerderij. Hun conversatie is minimaal. Hij praat, zij zwijgt. Een enkele keer geeft zij antwoord op zijn vragen: 'Do you want company, sir?' Hij kan het meisje maar niet kwijtraken ondanks pogingen daartoe, dus verzorgt hij haar, geeft haar te eten, zorgt dat zij haar tanden poetst en koopt nieuwe kleren voor haar. Er ontstaat iets als een verstandhouding tussen de twee. Hij praat maar door, stort zijn bekommernissen over haar uit en het kind... Zij blijft en stelt hoogstens de vraag waarop het antwoord inmiddels al lang bekend is: 'Do you want company, sir?' Tot het brute afscheid op het vliegveld. 'Ik kom terug,' roept hij, 'Kaisa, ik kom terug.' En terwijl hij door de douane gaat, de vertrekhal in naar het vliegtuig hoort hij haar nog krijsen: 'Do you want company, sir?' en moet hij zich schrap zetten om niet terug te gaan. J?rgen Hofmeester is de hoofdpersoon in Tirza, de laatste roman van Arnon Grunberg. Hij is een tragische, mislukte man. De wetenschappelijke carri?re die hij zich had voorgenomen, was verzand in een redacteurbaantje op een uitgeverij. Zijn jonge vrouw was er vandoor gegaan met een jeugdliefde van haar eigen leeftijd, maar toen zij na drie jaar terugkeerde, accepteerde hij haar weer zonder een woord aan de affaire vuil te maken. Ondertussen woonde hij met zijn lievelingsdochter Tirza in een van de betere straten in Amsterdam-Zuid en had hij van koken zijn hobby gemaakt. Zijn oudste dochter had hij bij de huurder van de bovenetage aangetroffen terwijl zij zich op de keukentafel liet neuken. Tirza was volgens hem hoogbegaafd maar stelde haar universitaire studie uit voor een reis door Afrika die zij zou maken met haar Marokkaanse vriend die J?rgen Hofmeester sterk deed denken aan Mohammed Atta, een van de vliegtuigkapers van 11 september. Hij dronk wijn, veel wijn. Een maal per week kwam de werkster. Een vrouw uit Ghana, illegaal maar vriendelijk, met wie hij een seksuele relatie aanging. Hofmeester is geen schaakmeester. In het hele boek wordt geen zet geschaakt. Er wordt even monopolie gespeeld. Tirza is per slot van rekening toch geen schaakboek? De goed lezende schaker weet wel beter. |