Een creatieve worsteling
Ruurd Kunnen - 27 May 2006
"Een creatieve worsteling" door Ruurd Kunnen Als een beroemde Nederlander dood gaat, zendt de televisie een herdenkingsprogramma uit. Kort geleden was Karel Appel aan de beurt. We zagen Appel tubes verf leegspuiten op een groot doek. De ene tube na de andere ging erop en er ontstond een geweldige smurrie. Soms verspreidde de kunstenaar de verf een beetje met een schildersmes of met zijn handen, zodat er plaats vrij kwam voor de volgende tubes. Het publiek in de jaren vijftig en zestig zei dat hun kinderen ook zo konden schilderen. Appel was echter met een serieus creatief proces bezig. In gevecht met de materie schiep hij zo niet de aarde, dan toch iets dat daar dichtbij kwam. Het liefst begon hij met wit, of zwart, of oker, en hoe meer materie er op het linnen was gebracht, hoe intensiever zijn scheppingsdrift werd. Niet alle schilders werken zo. Sommigen gebruiken dunne penselen en hebben een kwartier nodig om ??n stipje in de juiste kleur, met de juiste afmetingen op de juiste plek te zetten. Toch schuilt in dat precisiewerk dezelfde worsteling als die van Appel. Als het schilderij verder is gevorderd, staat het stipje toch niet goed en moet het veranderd worden. Bij schrijvers gaat het vaak op dezelfde manier. Slechts in uitzonderingsgevallen weten auteurs vooraf hoe hun roman afloopt. Ze beginnen gewoon en zien wel wat er ontstaat. Na verloop van tijd, als de schrijver zijn verhaallijn begrijpt, wordt het begin veranderd, en komt er een andere titel boven het stuk te staan. Of het nou een schrijver is die urenlang met ??n zin bezig kan zijn, of een schrijver die in een vloek en een zucht al zijn emoties op papier smijt, schrijven is voor beiden een worsteling. Toen Anand eens van Kasparov had gewonnen schreef hij als commentaar dat de eerste tien zetten (Siciliaans, Scheveninger) eigenlijk waren bedoeld om het spel op gang te brengen. Een intrigerende stelling. Als het klopt, is de opening van de schaakpartij niets anders dan een fase waarin de keurig opgestelde stukken worden herschikt in een relatief chaotische configuratie waaruit met veel inspanningen en creativiteit een prachtige partij kan ontstaan. Chaos of logisch nadenken? Natuurlijk denken schakers logisch. Natuurlijk gebruiken ze allerlei theorie?n en berekenen ze de gevolgen van hun zetten zo goed mogelijk. Dat is noodzakelijk om een weg uit de chaos te vinden. Ook Karel Appel wist verdomd goed waar hij mee bezig was en wat hij wilde bereiken. Net zomin als de Scheveninger variant na tien zetten voor een grootmeester chaos is, is het schildersdoek na tien tubes voor de moderne kunstenaar bedekt met smurrie. Altijd is een bepaalde structuur aanwezig. Sommige structuren zijn echter beter geschikt om een kunstwerk op te bouwen dan andere. Schaken is een worsteling met de materie en het is niet onverstandig als je tijdens die worsteling je verstand blijft gebruiken. Ik moest hieraan denken toen ik enkele uitspraken las van Nederlands laatste (maar niet jongste) grootmeester, Yge Visser. Visser zei dat hij het een uitdaging vindt om zich uit slechte stellingen te redden. Hij zei ook dat je niet bang moet zijn om te verliezen, als je wilt winnen. Dat is kennelijk een reden om het Roel van Duijngambiet te spelen: 1. e4, c5; 2. a3, e6; 3. b4 (Visser-Adly, Corus 2006; 0-1 na 33 opwindende zetten). Zo'n "luctor et emergo-stijl" is niet voor iedereen weggelegd. Het kan subtieler. Maar dat schaken een creatieve worsteling is, is zeker. Daarom zal er altijd worden geschaakt, net zoals er altijd kunst zal worden gemaakt. |