SCHAKEN IS OORLOG
Ruurd Kunnen - 25 September 2004
"SCHAKEN IS OORLOG" door Ruurd Kunnen Vandaag begint de match tussen Kramnik en Leko. Veel schaakliefhebbers hebben hier lang naar uitgekeken, want in deze match wordt om het echte, klassieke wereldkampioenschap gespeeld. We hebben natuurlijk ook Rustam Kasimdzhanov. Deze vriendelijke Oezbeek heeft het knock-outtoernooi gewonnen dat de FIDE afgelopen zomer in Libi? heeft georganiseerd en waar eveneens een wereldkampioenschap aan was verbonden. Dat was geen geringe prestatie, want hij heeft alle favorieten, Ivanchuk, Grishuk, Topalov en Adams, in rechtstreekse duels verslagen. Maar desondanks is Kasimdzhanov niet uit het echte wereldkampioenenhout gesneden. In New in Chess staat van hem de uitspraak dat het resultaat er bij schaken niet zoveel toe doet, maar dat veel belangrijker is of je gelukkig bent met wat je doet. De oude Olympische gedachte dat deelnemen belangrijker is dan winnen! Het is een doel dat je kunt nastreven, maar voor een moderne beroepsschaker is het een beetje merkwaardig. Op enkele uitzonderingen na waren alle wereldkampioenen bij wijze van spreken bereid om over lijken te gaan voor een goed resultaat. Euwe was zo'n uitzondering en Tal en Smyslov ook. Het is dan ook niet toevallig dat juist deze drie de titel niet langer dan ??n tot twee jaar in bezit hebben gehad. Spassky was ook zo'n sympathiek mens, maar dat is hem in 1972 afgeleerd door Fischer, voor wie schaken oorlog was zoals voetbal voor Michels. Het verhaal van de WK-match Spassky-Fischer is gedetailleerd beschreven door David Edmonds en John Eidinow in hun boek "Bobby Fischer Goes to War". Edmonds en Eidinow hadden eerder naam gemaakt met "Wittgenstein's Poker". Het verhaal in dat boek draait om een tien minuten durende confrontatie tussen de twee beroemde filosofen Wittgenstein en Popper in 1946 in Cambridge. Beide mannen waren geboren in Wenen, waren in de jaren dertig Oostenrijk ontvlucht om aan de jodenvervolgingen te ontkomen en waren vakgenoten, werkzaam in Engeland. Toch hadden ze elkaar nooit eerder ontmoet en ze zouden elkaar ook nooit weer zien. Edmonds en Eidinow beschrijven nauwgezet hun levensloop, hun sociale en intellectuele achtergronden, hun filosofie (heel beknopt maar helder), hun eigengereidheid en lage dunk van het werk van de meeste van hun collega's. Toen zij eindelijk aan hetzelfde seminar deelnamen werd het geen ontmoeting maar een confrontatie. Nauwelijks was Popper aan zijn introductie begonnen of Wittgenstein, die niet de gewoonte had iemand te laten uitpraten (dat was toch allemaal onzin), interrumpeerde hem, zijn betoog kracht bijzettend door met een pook in het rond te zwaaien. Of Popper een voorbeeld kon geven van een morele regel (iets wat volgens Wittgenstein onmogelijk was). "Gastsprekers niet met een pook bedreigen", zei Popper en Wittgenstein beende de zaal uit, terwijl hij de deur achter zich dichtknalde. Ook filosofie is oorlog. Het verhaal van de match Spassky-Fischer is voor ons bekende kost. Toch geven Edmonds en Eidinow allerlei details die ik niet kende. Fischer bleef eindeloos problemen scheppen, de match werd uitgesteld omdat hij niet op het afgesproken tijdstip aanwezig was, de verlichting was te fel of te zwak en moest worden veranderd, het fraaie, speciaal voor de gelegenheid ontworpen marmeren schaakbord leidde de gedachten af, het vervangende bord glom te veel, de vervangende stukken veroorzaakten teveel schaduw. Maar bovenal waren er teveel filmcamera's en was het publiek op de eerste zeven rijen te rumoerig. Partijen werden naar een achterkamertje verplaatst, de eerste zeven rijen stoelen werden niet bezet en de filmcamera's werden verwijderd. Iedere dag ontving het wedstrijdcomit? een brief met protesten van Fischer of zijn zaakwaarnemer Cramer. Fischer was ontevreden over zijn stoel en liet (op kosten van de IJslandse schaakbond) uit New York een comfortabele draaistoel overkomen. Spassky vond alles goed, maar zo'n mooie draaistoel wilde hij ook wel. Toen hij er een had gekregen, kwam daartegen een fel protest van de Amerikanen. Zo moet je een WK-match spelen. Dat kan Kasimdzhanov niet en Kramnik en Leko waarschijnlijk ook niet. De komende match wordt een saaie bedoening met veel remises. Kasparov, die kan het wel. Die blies gewoon de hele schaakwereld op toen de zaken niet gingen zoals hij wilde. Als alles volgens plan verloopt speelt hij volgend jaar nog een keer om de wereldtitel tegen een van de doetjes Kramnink en Leko. Zal Kasparov dan uiteindelijk de nieuwe kampioen van een herenigde schaakwereld worden? PS . Kramnik heeft zojuist met zwart de eerste partij van Leko op een indrukwekkende manier gewonnen. Superieure openingsvoorbereiding en vervolgens technisch perfecte winst. Leko moet nu minstens twee partijen winnen. Dat wordt de dood of de gladiolen. Het scenario van 11 remises en 3 beslissingen is plotseling onwaarschijnlijk geworden. Dus toch oorlog? |