Er zat nog een relletje in de stelling
Hans Meijer - 16 February 2008
"Er zat nog een relletje in de stelling" door Hans Meijer Ivan Cheparinov had beter een andere tegenstander dan Nigel Short uit kunnen kiezen toen hij in Wijk aan Zee tijdens het Corus 2008 toernooi weigerde zijn uitgestoken hand te schudden. Al in 1993 beroofde Nigel Short samen met Garry Kasparov de FIDE van haar kroonjuwelen en in 2007 moest hij zich nog voor de FIDE Ethiek Commissie verantwoorden voor door hem gedane uitlatingen en nu maakte Ivan hem tot middelpunt van een relletje. Het zal Nigel goed gedaan hebben. Beledigd eiste Short het punt op dat hij van arbiter Thomas van Beekum, bekend van Botwinnik en ooit Promotie, kreeg. Een dag later werd de partij, nadat Cheparinov schriftelijk zijn excuses aan Short had aangeboden, overgespeeld. Zoals verwacht had Short het die dag gemakkelijk en incasseerde hij nogmaals het punt. Cheparinov viel zo in de door hem zelf gegraven kuil. Soms maar lang niet altijd is dat het geval. In 1972 gebruikte de dit jaar overleden Bobby Fischer de eerste twee ronden van zijn match tegen Boris Spassky om verder te onderhandelen over de voorwaarden waaronder deze match gespeeld moest worden. In 'The Oxford Companion to Chess' van David Hooper en Kenneth Whyld (1992) lees ik dat Fischer zich hiervoor tegenover Spassky 'royaal' verontschuldigde. Niet dat de laatste hier veel aan had want hij verloor match en wereldtitel. Spassky zelf merkte later op dat de rel aan het begin van de match hem psychisch brak. Met zijn mobiele telefoon slaagde Ruben Snepvangers van Oud Zuylen in 2004 erin om mij uit mijn concentratie te halen. Grappig was dat ik op het moment dat zijn telefoon rinkelde niet eens achter mijn bord zat. Toen ik terugkwam werd ik geconfronteerd met de consternatie die ontstaan was. Die consternatie deed mij de das om. Van mijn teamgenoten hoorde ik dat de telefoon van mijn tegenstander afgegaan was. Ik ontspande me en had het punt al geteld. Dat had ik beter niet kunnen doen. De arbiter en de commissie van beroep van de KNSB besloten eensgezind dat een telefoon die rinkelt niet altijd echt rinkelt. Snepvanger had zijn telefoon per ongeluk aangezet (waarom eigenlijk?)! Iets dat ik best wil geloven maar mij het punt kostte. Een mooie manier om een schaker van slag te brengen kwam ik in 'Chess, love and rivalry' van Alex Wade uit 2006 tegen. Alex heeft een vriend Dave met wie hij regelmatig schaakt. Dave is de betere schaker en Alex is er nog niet in geslaagd om een partij te winnen of zelfs maar remise te houden. Daarnaast is Alex verliefd op X, een vrouw die zonder enige moeite in de categorie schoonheden thuishoort. Alex zit goed in zijn vel tot het moment dat Dave tijdens een Gr?nfeld opmerkt dat hij X gebeld heeft. Dat zit Alex niet lekker. Het idee van Dave aan de zijde van zijn geliefde X is ondraaglijk. Zelfs op het gebied van de liefde dreigt hij door Dave verslagen te worden. Dan op een avond tijdens een Spaanse partij merkt Alex terloops op dat hij X gezien heeft. Argwanend kijkt Dave hem aan. Het was prachtig, voegt Alex er aan toe. Dat was niet waar maar het was toereikend om Dave van zijn stuk te brengen. Die avond slaagt Alex erin remise af te dwingen. Een enkeling is van nature in staat het gemoed van zijn tegenstander te bespelen. Henk Noordhoek is zo?n enkeling. Jan Joost Lindner en Manuel Nepveu kunnen hierover meepraten (De Promoot 43-4; 1995). Een ander die dat kan is Herman Siebelhoff. In het Dorpshuis in Zoetermeer tijdens de wedstrijd van Promotie tegen Alteveer in maart 2003 hoorden we plotseling de stukken over het bord van Henk rollen. Zelf dacht ik dat Siebelhoff ze kwaad van het bord afsloeg. Vanuit de verte zag ik dat Henk van de arbiter het punt toegekend kreeg en dat zijn tegenstander hier woest op reageerde. Desgevraagd vertelde Henk me dat Siebelhoff voor het uitvoeren van zijn 40ste zet nog ??n seconde had [HN: Kf2, Pd3, pionnen a4, b4, c2, g2 en h3; HS: Kf5, Pd7, pionnen b7, d4, e5, f4 en h6]. Dat bleek na Henk?s sluwe 40.Pxc5 niet te doen. In slechts ??n seconde het witte paard op c5 van het bord verwijderen, het zwarte paard op c5 zetten en de klok indrukken bleek teveel gevraagd. Niet alleen lukte dit niet maar rolden in een uiterste poging daartoe de stukken over het bord. Wat mij nog het meest verbaasd is dat Henk na 40.Pc5 door eigen toedoen totaal verloren kwam te staan, hetgeen Siebelhoff?s woede na de partij enigszins verklaarde, terwijl hij na 40.a5 gewonnen lijkt te staan. Maar ja, 40.Pc5 wint nu eenmaal op slag. Na afloop van de partij vroeg ik Henk waarom hij in een eerder stadium geen remise aangeboden had. Met een brede glimlach op zijn gezicht antwoordde hij: 'Ik zag dat er nog een relletje in de stelling zat!'. |