Voze glorie
Max Toxopeus - 16 October 2004
"Voze glorie" door Max Toxopeus Persoonlijk h?b ik eigenlijk niet zo veel met vakanties in het buitenland. In het algemeen wordt daar slecht Nederlands gesproken en men wordt er vaak met vreemde gewoontes geconfronteerd. Licht wordt daardoor de controle over de dingen verloren. Allemaal zeer vermoeiend. Niettemin heb ik in de loop der jaren een kleine collectie leuke buitenlandse vakantieherinneringen kunnen aanleggen. Zo bevond ik mij ooit eens met de gade in de heuvels van de Ardennen aan de rivier de Ourthe op een terrasje bij het plaatsje La Roche-en-Ardenne. De natuur was er prachtig maar voor de waalstalige Belgen aldaar was en klonk het Nederlands net zo vreemd als voor ons de taal van de Papoea's in de Baliem-vallei. Dit beperkte de communicatie met de autochtonen tot gemeenplaatsen hetgeen het verblijf beduidend versaaide. De gade die dol is op ru?nes van kastelen van roofridders uit lang vervlogen eeuwen, zag vanaf het terras waar wij gezeten waren, tegen een bergwand aan de andere kant van de rivier een fraai exemplaar van een dergelijke bouwval. Er liep een weg steil omhoog naar toe en wetend dat tegenstribbelen zinloos was, vroeg ik in mijn beste koeterwaals de rekening. Hierna begaven wij ons in drukkende hitte bergopwaarts. Na een kromming van de weg ontwaarde ik een monumentje in de berm, een borstbeeld op sokkel, en omdat elke gelegenheid aangegrepen werd om zweet van het voorhoofd te wissen, veinsde ik grote belangstelling. Dit veinzen sloeg echter om in waarachtige euforie toen tot me doordrong wat dit monumentje behelsde. Tijdens mijn middelbare schooltijd werd nog onderricht gegeven in literatuurgeschiedenis en ??n van de onderwerpen waar de leraar meeslepend over kon vertellen was Jacques Perk (1859-1881), de zeer jong gestorven kampioen van het sonnet. ("Klinkt helder op gebeeld-houwde sonnetten...") Perk ging met zijn ouders elk jaar naar de Ardennen op vakantie en daar had hij Mathilde ontmoet. Liefde op het eerste gezicht, maar de liefde kon niet geconsumeerd worden want zo waren de gebruiken niet in die tijd. Bovendien was zijn vader dominee en had Jacques een zeer zwakke gezondheid. In plaats van toegeven aan de liefde reageerde hij zich dan ook af met de 'Mathilde cyclus', een hoogstandje in de Nederlandse liefdeslyriek. U raadt het al. Het borstbeeld daar, midden in de waalse culturele wildernis, was van Jacques Perk. Er onder was op een koperen plaat een strofe van de 'Mathilde cyclus' gegraveerd waarmee in het Nederlands de schoonheid van de Ardennen werd bezongen. U zult zich ongetwijfeld afvragen wat deze herinnering doet in een stukje op de webstek van onze schaakvereniging. Welnu, de voorbije vakantie had ik wederom zo'n zeldzame ervaring waardoor de vakantieplicht een gouden randje kreeg en deze ervaring had w?l betrekking op onze hartstocht c.q. liefhebberij. Tevens wordt met deze ervaring de boven geformuleerde stelling geschraagd dat men in het buitenland door een schromelijk gebrek aan kennis van het Nederlands, als Nederlander vaak de controle over de situatie verliest. Dit jaar was het Meer van Bled in Sloveni? de bestemming. Omdat de lange, lange autorit altijd geheel voor mijn rekening komt, mag ik de eerste twee dagen 'lichte dienst' draaien, hetgeen betekent dat ik dan niet mee hoef naar allerlei bezienswaardigheden en met een boek en een drankje mag acclimatiseren. De gade trekt dan met foto-apparatuur, wel of niet vergezeld van de kinderen die ook fotograferen, maar zonder mij, er op uit. Meestal komt ze zeer geestdriftig terug en haar standaard opmerking :"t Is hier zo prachtig, je had eigenlijk mee moeten gaan", wordt dan door mij vriendelijk voor kennisgeving aangenomen. Deze keer ging het anders. Ze kwam vroeger terug dan gebruikelijk en viel met de deur in huis: "Ik weet niet wat het voorstelde maar in het park langs het meer, even verderop, is een levensgrote vierkante vitrine waarin iets is dat wel lijkt op een schaakbord met allerlei duivelse figuren. Je zult het vast interessant vinden". Na mijn vraag of er nog wat bij vermeld stond, haalde ze een verfrommeld notitieblaadje te voorschijn waarop, behalve de naam van de maker, Janez Boljka, iets stond van 'Ob ?ahovski olimpiadi leta 2002 je umetnino Bledu'. Men hoeft geen talenwonder te zijn om te begrijpen dat het hier ging om een monument dat de herinnering levend moest houden aan de schaakolympiade 2002 te Bled. Toen we een half uurtje later samen bij de vitrine stonden zag ik dat het schaakbord inderdaad bevolkt werd door Jeroen Bosch-achtige figuren. Na enige bestudering kon ik vaststellen welk figuur welk stuk van het schaakspel uitbeeldde. Daarna noteerde ik de stelling die mij langzaam vagelijk bekend begon voor te komen. Terwijl ik de stelling aan het overnemen was kwam er een mannetje naast me staan dat me in basaal Duits aansprak. Hij bevestigde mijn vermoeden dat het hier een scherpe, ver uitgewerkte variant van de Pirc-verdediging betrof. (zie B.F.Enklaar, de schaakopening II, variant A2b, bl.135) Deze variant was door de kunstenaar gekozen omdat Pirc, zo benadrukte het chauvinistische mannetje, geen Joegoslaaf maar een Sloveen was. Daarop vertelde ik hem zelf ook wel eens de afgebeelde stelling op het bord te hebben gehad en er mee te hebben gewonnen. Dat was dom. Dit had ik niet moeten doen! Er hadden zich inmiddels enkele van zijn landgenoten bij ons gevoegd en ik begon de verontrustende indruk te krijgen dat mijn Sloveense gespreksgenoot naar aanleiding van mijn opmerking de omstanders aan het wijs maken was dat in mij een schaakmeester uit 'Nizozemska' (Nederland) schuil ging. Dit misverstand viel daarna niet meer recht te breien. Ik werd met zachte drang, maar respectvol, meegetroond naar een terras naast de villa waar de schaakolympiade had plaatsgevonden. Op dit terras bevonden zich enkele stenen tafeltjes met schaakborden. E?n tafeltje was vrij en met een breed gebaar werd ik uitgenodigd daar plaats te nemen om het op te nemen tegen ??n der plaatselijke coryfee?n. Ik lootte zwart en uiteraard verdedigde ik mij met de Pirc hetgeen aan de omstanders een goedkeurend gemompel ontlokte. Mijn vrouw, die dit alles met stijgende verontrusting had gadegeslagen kreeg heel charmant een drankje aangeboden en berustte in mijn komende afgang. Echter, ik zag zowaar kans de partij binnen de toegemeten tijd naar remise te schuiven. Ik feliciteerde mijn glunderende tegenstander omstandig, daarmee de indruk wekkend dat hij een hele prestatie had geleverd. Zijn imago als schaker zou in Bled wel voorgoed gevestigd zijn nu hij een 'Hollandse meester'een remise had afgedwongen. Tijdens de partij had ik de gade (uiteraard in het Nederlands) ge?nstrueerd voortdurend omstandig op haar horloge te kijken om de indruk te geven dat onze tijd drong. Dit om niet ook nog het risico te lopen dat er simultaan gespeeld zou moeten worden tegen de aanwezigen van de plaatselijke schakerspopulatie. De eerste week van de vakantie was het verder tamelijk nat weer. Het schaakterras lag er 's middags en 's avonds dan ook vrij verlaten bij. Het mannetje en mijn tegenstander heb ik niet meer gezien. Misschien waren het ook maar Sloveense dagjesmensen geweest. De tweede week was het weer beter en speelde ik een paar vluggertjes tegen een persoon die zich kennelijk niet onder het publiek van de eerste week had bevonden. Hij toonde geen enkel respect. De 'Hollandse meester' werd ? raison van 1000 Sloveense tolar (ongeveer e 3.50) per potje genadeloos weggespeeld, hetgeen me in totaal op 4000 tolar (verlies, verlies revanche-partij en de 'kiet of dubbel'partij) kwam te staan. Glorie duurt slechts even..... |